Alternatieve Methoden

Wat zijn precies “Alternatieve methoden voor dierproeven” in het RE-Place project?

Het gaat om alle in chemico, in silico, in vitro en ex vivo methoden die kunnen worden ingezet om het gebruik van proefdieren geheel of gedeeltelijk te vervangen.

Het gaat ook over bepaalde in vivo modellen die hogere organismen geheel of gedeeltelijk kunnen vervangen. Hiermee bedoelen we onderzoek waarbij gebruik gemaakt wordt van organismen die buiten de juridische definitie van een proefdier vallen ( PDF iconBijlagen bij KB 29 mei 2013 proefdieren.pdf). Dit zijn de meeste ongewervelde dieren, zoals bijvoorbeeld fruitvliegen en platwormen. 

Methoden waarbij gebruik gemaakt wordt van ongewervelden die wel in de juridische definitie van een proefdier vallen (koppotigen zoals octopussen) of waarbij gebruik gemaakt wordt van gewervelde dieren (hond, varken, muis, rat,..) zullen individueel behandeld worden. Hieronder vallen methoden zoals ‘Adverse Outcome Pathways' (AOPs) en 'Integrated Approaches to Testing and Assessment' (IATA’s). Deze methoden zijn geen “één-op-één” vervangingsmethoden, maar kunnen wel bijdragen aan de uiteindelijke vervanging van proefdieren.

Gebruik ik een alternatieve methode?

  • U gebruikt een alternatieve methode als u voor een bepaald eindpunt (nieuwe) onderzoeksmethoden gebruikt die het aantal proefdieren geheel of gedeeltelijk kan vervangen.
  • Het kan ook gaan om een (kleine) stap in een volledig (in vivo) proces dat u in eerste instantie niet zou identificeren als een alternatieve methode. Toch kan dit van groot belang zijn voor ons project.
  • Deze methoden kunt u vinden in verschillende wetenschappelijke domeinen, in de industrie of het onderwijs.
  • Bij twijfel kunt u ons contacteren voor meer informatie!